www.autobussenwebsite.nl

Deze site wordt ieder etmaal vernieuwd om 00.00, 04.00, 07.00, 12.00, 16.00 en 20.00.

0-9 * A * B * C * D * E * F * G * H * I * J * K * L * M * N * O * P * Q * R * S * T * U * V * W * X * Y * Z

Saviem SC10 Type autobus geproduceerd tussen 1965 en 1989 door de Franse vrachtwagen- en autobusfabrikant Saviem voor de Franse markt. De bus kenmerkt zich door de dubbele in- en uitstapdeuren en door de bolle anti-reflexvoorruit. Er zijn ook exemplaren met een open balkon. In Nederland is de bus met open balkon voornamelijk bekend van het 1:87-model, uitgebracht door de Franse modelautofabrikant Majorette. De RATP 7896 uit Parijs is tegenwoordig onder wagennummer 612 een museumbus bij het Haags Busmuseum.

Foto: www.autobussenwebsite.nl
SB200 Type chassis van DAF. Wordt toegepast bij verschillende typen lagevloerbussen.
SBM Stadsbus Maastricht, in 1971 voortgekomen uit het Gemeentelijk Autobusbedrijf Maastricht (GABM). SBM en haar voorganger is een trouwe afnemer van Volvo. In 2001 wordt SBM onderdeel van Veolia Transport en komen er Mercedes-Benz Citaro's in het wagenpark. In 2006 verdwijnt de naam Stadsbus Maastricht voorgoed uit het straatbeeld.
Scania Bus- en vrachtwagenmerk uit Zweden. Na de Tweede Wereldoorlog worden er diverse bussen aangeschaft met een carrosserrie van het Zweedse Hägglund, maar ook met Nederlandse carrosserriën van Fokker. Ook in de jaren vijftig zijn er nog Scania-bussen te zien met diverse carrosseriën uit Nederland, waarna het in de jaren zestig stil blijft. Arriva is na vele jaren één van de eerste buitenlandse vervoerders in Nederland die Scaniabussen aanschaft. Eerst enkele gelede exemplaren voor Zuidoost-Friesland, later volgt er meer voor het Waterlandgebied in Noord-Holland. Daarna volgt een serie standaardexemplaren voor hetzelfde gebied.
Schenk Schenk Fahrzeugfabrik te Stuttgart-Feuerbach is een fabriek die aanhangwagens voor gelede bussen vervaardigt. Het type GOBL8000 wordt geleverd voor de gelede Mercedes-Benz-standaardbus van Hainje.
schoolbusgeel De gele kleur voor Amerikaanse schoolbussen wordt als volgt bepaald:
Hex #FFD800
RGB (255, 216, 0)
CMYK (1, 12, 100, 0)
HSV (36º, 100%, 50%)

Deze gegevens komen van de Nederlandse wikipedia met als bron de Engelse wikipedia. Aangezien deze laatste geen andere bron vermeld, kan het zijn dat de bovenstaande gegevens (gedeeltelijk) niet juist zijn.

schrootlijn Bijnaam voor de IJssellijn, omdat de NS daar het oudste treinmaterieel inzet. Nog in de jaren negentig is hier veelvuldig mat '54, mat '64 en Belgische rijtuigen te zien. Met de komst van het nieuwe dubbeldeksmaterieel DD-IRM is het gedaan met de benaming schrootlijn.
Schutte Openbaar vervoerbedrijf, voorheen garage, die de stadsdienst in Zwolle verzorgt van 1937 t/m 1982. Aanvankelijk is de naam Garage Schutte, in 1972 wordt de naam gewijzigd in STZ (Schutte Tours Zwolle). In 1982 overgenomen door de VAD.
sternet Benaming voor stadsdienst, waarbij de lijnen die grofmazige routes rijden beschreven worden.
servicenet Benaming voor stadsdienst, waarbij de lijnen die fijnmazige routes rijden beschreven worden.
SGM Stadsgewestelijk materieel plan Y uit 1975 gebouwd door Talbot, een serie treinstellen bestaande uit 30 tweewagenstellen en 60 (gedeeltelijk verlengde van twee naar) driewagenstellen. Ze komen in dienst in de huisstijl geel/grijs met lichtblauwe diagonale reclamebanen, volgens het kleurenschema van 1968. Bij dit materieel is het snel in- en uitstappen en vlot optrekken belangrijk. Vandaar dat elke wagon drie deuren heeft en 8 motoren van elk 160 kW die een snelle acceleratie tot 125 km/h mogelijk maakt, met name de tweewagenstellen. De treinen worden allemaal voorzien van de naam Sprinter, die naast het NS-logo prijkt. De eerste serie is nog niet voorzien van toiletten en doorloopmogelijkheid tussen de twee wagons. De tweewagenstellen worden in 1997 voor de Zoetermeerlijn anders uitgevoerd, waarbij het ontbreken van de blauwe reclamebanen en gele i.p.v. grijze deuren en een ander meer open interieur meteen opvallen. Omdat deze treinen er nogal gelig uitzien, krijgen deze stellen banaan als bijnaam. Tussen 2003 en 2006 ondergaan de treinstellen een grote revisie, waarbij zowel het in- als het exterieur ingrijpend worden gewijzigd, evenals een gewijzigde (centrale) deursluiting. Door de nieuwe kleurstelling wit, geel en donkerblauw (zie ook kleurenschema van 1999) krijgen deze treinen de bijnaam Vlaflip.
SLT Sprinter Lighttrain (Sprinter Lichte Trein), serie van elektrisch treinmaterieel bestaande uit 69 vierwagenstellen en 62 tweewagenstellen. Ze komen in dienst vanaf 2009 in de kleuren wit/geel/blauw. Kritiek komt er op deze nieuwe treinen wegens het ontbreken van een toilet. In 2011 komt de NS met het enigszins merkwaardige idee voor een plaszak voor reizigers met hoge nood tijdens het stranden van een trein. Uiteindelijk wordt besloten dat in 2025 alle treinen van een toilet zijn voorzien.
SM '90 Elektrisch stoptreinmaterieel SM '90 uit 1992, bestaande uit negen tweewagentreinstellen. De treinstellen vallen op door hun knik in de zijwand en door de draaistroomaandrijving. Ze komen in dienst in het kleurenschema van 1968, geel/grijs en blauwe reclamebanen. Ze krijgen als bijnaam Railhopper, een naam die op de zijkanten naast het NS-logo wordt aangebracht. De stellen 2105-2109 kennen in eerste instantie een 2+3-opstelling (twee zitplaatsen, gangpad, drie zitplaatsen), maar dit wordt vanaf 1996 veranderd naar 2+2. Gedurende hun hele levensduur kampen ze met problemen en ze worden alleen tussen Zwolle en Emmen ingezet. Ze vormen de basis voor het vanaf 1995 te bouwen dieselmaterieel DM '90. Omdat de SM '90 te duur is, wordt deze in 2005 buiten dienst gesteld en in 2007 zijn ze allemaal gesloopt. Van één treinstel is de kop bewaard gebleven voor het Spoorwegmuseum te Utrecht.
Snelbus/Qliner Naam van de HOV-snelbus die tussen Leeuwarden en Alkmaar over de Afsluitdijk rijdt, ontstaan in 1995. Met de dubbelnaam Snelbus/Qliner wil gezegd worden dat dit een buslijn is die bereden wordt door twee vervoerders nl. Connexxion en Arriva (voorheen NoordNed).
Deze Qliner is tot eind 2006 de meest ingewikkelde Qliner in Nederland wat betreft het gebruik van nationale vervoerbewijzen. Behalve het plafond van 19 strippen en 6-ster-abonnementen, bestaat er ook nog eens een restrictie die bepaalt dat deze vervoerbewijzen op de Afsluitdijk helemaal niet geldig zijn.
Als Connexxion in 2007 deze lijn volledig voor haar rekening neemt, verdwijnt de dubbelnaam en eveneens het plafond van de nationale vervoerbewijzen en het verbod van het gebruik van deze vervoerbewijzen op de Afsluitdijk.
sneldienst Lijndienst die een beperkt aantal haltes aandoet. Ook de Regioliners in Haarlem zou men kunnen rekenen tot de sneldienst.
sneltram Tram die gebruikmaakt van een eigen infrastructuur. Zie ook bij Utrechtse sneltram.
Sneltrammaterieel S1/S2 Serie van 25 tweewagentramstellen uit de periode 1990-1994, gefabriceerd door La Brugeoise et Nivelles en bestemd voor het Amsterdamse GVB, hoofdzakelijk bestemd voor de lijn naar Amstelveen en ook het metronet van Amsterdam. Omdat dit materieel 3 meter smaller is dan het metromaterieel, wordt er gebruik gemaakt van een klaptredensysteem over bijna de gehele lengte, waardoor de passagiers op een metrostation makkelijker kunnen in- of uitstappen. De wagens verschijnen in eerste instantie in de huisstijl wit/blauw met rode deuren op de rails; vanaf de periode 2004-2005 wordt overgegaan op het nieuwe kleurenschema blauw/wit.
sneltreinbus Voorloper van de Interliner. Het concept van de sneltreinbus is van de BBA / NS en wordt toegepast op het traject Utrecht - Breda. Vanaf 1994 is dit een groene Interliner (lijn 401). Vanaf 2007 wordt de naam gewijzigd naar Brabantliner.
Spoorslag '70 Benaming van een verandering van de dienstregeling door de NS. Het maakt deel uit van het grotere "Spoor naar '75". Belangrijke zichtbare veranderingen zijn het invoeren van een nationale huisstijl (geel met grijze deuren en lichtblauwe diagonale reclamebanen) en de invoering van een 40-steden-tempo-trein onder de naam Intercity met een afwijkende kleurstelling (geel met een donkerblauwe baan rondom ramen en deuren en aanvankelijk ook een eigen logo, hoewel dat alweer snel wordt verwijderd).
Sprinter Bijnaam voor het stadsgewestelijk materieel SGM. Zie aldaar. Vanaf 2011 is de naam Sprinter de officiële NS-naam voor stoptrein. Zoals bekend is de NS de laatste jaren een groot liefhebber van het mooier laten klinken van bepaalde zaken op het spoor. Omdat de naam "stoptrein" staat voor een trein die er lang over doet zijn eindbestemming te bereiken, heeft de NS ervoor gekozen voor de wat vlottere naam Sprinter voor dezelfde soort trein. Een Sprinter heet een trein te zijn die snel optrekt om zo bij het volgende station weer tot stilstand te geraken.
ST2000 Type carrosserie van autobusfabrikant Hainje/Berkhof te Heerenveen vanaf 1993, een doorontwikkeling van de carrosserie CAOV. Dit type carrosserie lijkt veel op de CAOV-variant, maar heeft een afwijkende voorkant, ontworpen door Duvedec. De carrosserie is zowel te vinden op een DAF SB220- als een Volvo B10M-chassis.
stadsbus Lijnbus die bepaalde plaatsen in één stad aandoet. Soms kan een stadsbus ook wel omringende dorpen aandoen.
Stadsbus Plus Bedrijfsnaam van de stadsdienst in Apeldoorn. Eerst verzorgd door Connexxion, van 2004 t/m 2010 door de BBA. Daarna verdwijnt de naam Stadsbus Plus in Apeldoorn.
stadsdienst Verzameling van buslijnen die bepaalde vaste routes in de stad rijden. Grote steden kennen een eigen stadsdienstregeling.
stadsrood Benaming voor de centrale huisstijl voor alle stadsbussen in Nederland (als tegenhanger voor streekgeel) in de jaren zeventig.
Stadsvervoer Nederland Busmaatschappij in 2003 opgericht door HTM en Novio. Verzorgt het vervoer in het oostelijk deel van Utrecht. De huisstijl van SVN is rood met wit en het materieel (voornamelijk Berkhof Ambassador) wordt aan weerszijden opgesierd door het wapen van de provincie Utrecht. In 2007 wordt SVN overgenomen door Connexxion.
stamkaart Persoonsgebonden kaart behorende bij het abonnement voor stad- en streek- of NS/HOV-abonnement. Op deze kaart staat behalve de persoonlijke gegevens en een pasfoto van de gebruiker ook een uniek nummer (getallenreeks) dat ook op het bijbehorende abonnement staat. Bij de afschaffing der nationale vervoerbewijzen en de komst van de OV-chipkaart, kan ook de OV-chipkaart dienstdoen als stamkaart bij een zicht-abonnement.
Standaardbus Type stadsbus met wijnrode kleur (vanaf 1966), gebouwd door carrosseriebouwer Hainje. De tweede generatie uit 1982 kenmerkt zich door een lichtrode kleur gecombineerd met beige en een afwijkend front. Aangezien het idee voor deze bussen afkomstig is van de Commissie Standaardisering Autobussen (CSA), wordt dit type ook wel CSA-materieel genoemd. Zie verder bij CSA-I en CSA-II.
stempel Hieronder wordt de opbouw van een stempel op een strippenkaart of een (HOV-)kaartje weergegeven.
sterabonnement Kaart waarmee gedurende een week of een maand binnen een aantal zones gereisd mag worden. Er bestaan vanaf 1980 1- t/m 6-ster-abonnementen. Deze zijn geldig in het stads- en streekvervoer en op HOV-bussen (in de spits geldt meestal een toeslag). Tot 1990 bestaat er ook nog een 8-ster-abonnement en tot 1996 een 7-ster-abonnement. Er is ook een N-ster-abonnement, welke op alle zones in Nederland geldig is, tot eind 2006 alleen in het stads- en streekvervoer, vanaf 2007 ook op de HOV-lijnen (Interliner, Qliner en Hanzeliner). Tot 2012 zijn deze abonnementen onderdeel der nationale vervoerbewijzen, daarna wordt het een regionaal abonnement (alleen het N-ster-abonnement blijft landelijk).
sterwaarde geldigheidsgebied geldig in HOV-lijnen (Interliner, QLiner en Hanzeliner) 1)
1-ster Centrumzone In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
2-ster Centrumzone + 1 aangrenzende zone in alle richtingen In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
3-ster Centrumzone + 2 aaneengrenzende zones in alle richtingen In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
4-ster Centrumzone + 3 aaneengrenzende zones in alle richtingen In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
5-ster Centrumzone + 4 aaneengrenzende zones in alle richtingen In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
6-ster Centrumzone + 5 aaneengrenzende zones in alle richtingen In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag
N(et) Centrumzone + alle aangrenzende zones in Nederland In spits met toeslag, buiten spits zonder toeslag (vanaf 2007)

1) Op de Interliners 395, 400 en 401 zijn de sterabonnementen niet geldig.

stopknop Knop welke bedoeld is om kenbaar te maken dat er bij de volgende halte gestopt moet worden en dat de achterdeur geopend moet worden.
stoptrein Trein die op alle tussengelegen stations halteert.
streekgeel Benaming voor de centrale huisstijl van autobussen. Deze huisstijl uit de jaren zeventig is een onderdeel van Spoorslag 70 van de NS, waarbij de samenhang tussen alle openbaar vervoer naar voren moet komen. De kleur geel wordt ondersteund door de kleuren wit en grijs. Het kleurenschema van de gele autobussen wordt als volgt:
geel Sikkens autocryl FLN 1024 VSN
wit Sikkens autocryl D73
grijs Sikkens autocryl 50702

In eerste instantie wordt er nog voor de schortplaten grijs gebruikt, maar nadat er reclame op de bussen verschijnt en de gele kleur toch nog een beetje zichtbaar moet blijven, verdwijnt omstreeks 1984 de grijze kleur van de schortplaten en worden deze ook geel.

strippenkaart Vervoerbewijs geldig op het stads- en streekvervoer, vanaf 1980 onderdeel van het nationaal-tariefsysteem, vanaf 2013 een provinciale aangelegenheid. Ook geldig op HOV-bussen met in de spitsuren een toeslag te betalen (na de komst van de OV-chipkaart vervalt deze toeslag). Er bestaan drie varianten, de duurdere grijze (alleen te kopen bij de chauffeur), de volwaardige blauwe (te verkrijgen in de voorverkoop, o.m. het station, de supermarkt en tabakszaken) en de roze kortingsversie (eveneens te verkrijgen bij de zojuistgenoemde verkooppunten).
De geldigheidsduur vanaf stempeltijd is als volgt:
Aantal gestempelde strippen Geldigheidsduur Geldig in aantal zones
2 t/m 4 strippen 1 uur 1 t/m 3 zones
5 t/m 7 strippen 1,5 uur 4 t/m 6 zones
8 t/m 10 strippen 2 uur 7 t/m 9 zones
11 t/m 16 strippen 3 uur 10 t/m 15 zones
17 t/m 20 strippen 3,5 uur 16 en meer zones
Het maximum aantal strippen dat u hoeft te stempelen is 20.

In HOV-lijnen geldt tot eind 2006 een maximum van 19 strippen (= 18 te reizen zones), vanaf 2007 is dat net zoals in het overige stads- en streekvervoer ook 20 strippen (= 19 of meer zones).

stroomafnemer Aan een beweegbaar deel gemonteerd onderdeel op een elektrische trein of tram die stroom afneemt van de bovenleiding. Aangezien veel stroomafnemers veel overeenkomsten vertonen met het tekengereedschap pantograaf, wordt deze in spoorjargon ook vaak zo genoemd.
stroomlijnmaterieel Ofschoon elke moderne trein wel een stroomlijnvorm heeft, wordt met deze term in spoorjargon meestal een afgebakende groep treinseries mee bedoeld, die onderling ook gekoppeld kunnen rijden. De stroomlijnvorm zorgt voor een verminderde luchtweerstand. Het materieel is gefabriceerd door de Nederlandse bedrijven Werkspoor in Utrecht, Allan in Rotterdam en Beijnes in Haarlem, waarbij het elektrische gedeelte door Heemaf in Hengelo is verzorgd. Het betreft hier het dieselmaterieel DE3 (1934), omBC (1937), DE5 en DE1/DE2, het elektrische materieel mat '35, mat '36, mat '40, mat '46 en mat '54 en het stroomlijnpostrijtuig Pec. Ook het directievoertuig De Kameel behoort tot deze reeks, maar kan niet zonder meer gekoppeld rijden. Hoewel mat '64 ook nog wel eens tot het stroomlijnmaterieel wordt gerekend, kunnen deze treinen en alles wat daarna komt, niet meer in treinschakeling met de eerdergenoemde treinseries rijden.
stuurstand Een stuurstand bevindt zich aan het uiteinde van een stuurstandrijtuig en is bedoeld om op afstand een locomotief te bedienen. Een stuurstand maakt het mogelijk om een serie rijtuigen en een locomotief te laten fungeren als zowel een trek- als duwtrein.
superbus Elektrisch voortbewogen bus, die zich buiten de steden op een betonnen geleidingsbaan op topsnelheid voortbeweegt. Het is een idee van natuurkundige en voormalig astronaut Wubbo Ockels.
supplement Uitbreiding op een trajectabonnement op HOV-lijnen (en eveneens NS-abonnementen). Met het supplement kan tot maximaal drie zones (zowel begin- als eindpunt) nog met het stads- en streekvervoer gereisd worden. Vanaf 2007 is het gebruik van een supplement op de meeste HOV-lijnen overbodig geworden, omdat vanaf dat moment het volledige assortiment sterabonnementen geldig wordt. In 2012 willen de vervoerders wegens toenemende kosten van deze abonnementsvorm af en dat gebeurt dan ook, dit tot protest van diverse reizigersbelangenorganisaties.
Syntus Busmaatschappij vanaf 1999, verzorgt in eerste instantie het trein- en busvervoer in de achterhoek en gedeeltelijk Twente (onder de naam Twents). Vanaf 2009 is Syntus ook actief in het westen van Overijssel en Gelderland (de Veluwe).